|
|
|
|
De twee-oog kamera had last van parallax, omdat de foto niet door dezelfde lens werd gemaakt als waardoor de fotograaf probeert de richten op het onderwerp.
De zoeker-lens van de twee-oog had al een spiegel om het beeld op het matglas te projecteren.
De oplossing is dan eenvoudig:
tijdens het maken van de foto wordt de spiegel weggeklapt, zodat het beeld weer
netjes op de achterwand wordt geprojecteerd.
Uiteraard treedt dan weer een nieuw pobleem op: het rolletje zit in de weg.
Bij de twee-oog-kamera zat het rolletje achter de spiegel. Dat kan niet meer.
Daarom wordt het rolletje niet achter de spiegel geplaatst, maar er naast.
De kamera wordt in verhouding iets breder.
De lens staat nu permanent open, omdat deze ook als zoeker wordt gebruikt. De sluiter kan dus niet meer met de lens worden samengevoegd. Daarom wordt achter de spiegel, vlak voor de lichtgevoelige film, een gordijn-sluiter geplaatst.
Later wordt deze vervangen door een sluiter van lamellen (een paar metalen plaatjes)
die omhoog of omlaag schuiven.
de Film:
De film bevat kleine korreltjes lichtgevoelig zilverbromide,
die groter worden als er licht op valt.
Dit proces kan daarna met chemicaliën (ontwikkelaar) worden versterkt,
of gestopt (fixeer).
Waar de film na belichting grotere korrels bevat,
lijkt de film donkerder.
de Film-gevoeligheid:
De mate van zwarting hangt af van de gevoeligheid van de korrels,
en de totale hoeveelheid licht dat op een korrel is gevallen.
Hoe groter de korrels, en hoe minder hun aantal, des te gevoeliger de film
(Iso waarde). Maar helaas: des te duidelijker zie je de korrel op een vergroting.
De computertechniek maakte het mogelijk, de rolfilm met zilverbromide en andere enge chemicalien voor het ontwikkelen te vervangen door een digitale chip. En zo onstond de digitale spiegelreflex kamera.